|
Wereldweekend 2009:
‘De interne keuken van de voedselpolitiek: wie bepaalt het menu?’
Duurzame familiale landbouw als de oplossing voor de voedselcrisis
Is duurzame familiale landbouw een oplossing voor de globale voedselproblematiek? Dat onderwerp was de inzet van een debat tijdens het voorbije Wereldweekend van Bevrijde Wereld, de Wereldschool en Le Coron. Gert Engelen van Vredeseilanden kwam uitleggen waarom die stelling alvast wél opgaat voor ngo’s en boerenorganisaties uit het zuiden. Drie zuidpartners van Bevrijde Wereld – uit Gambia, Bolivia en de Filippijnen – reageerden op standpunten en reacties uit het publiek.
|
|
In 2008 publiceerde ook het FAO (voedselorganisatie van de VN) een rapport dat duurzame familiale landbouw vooropstelt als dé oplossing om honger de wereld uit te helpen. Het grootste deel van de mensen die wereldwijd honger lijden, zijn boerengezinnen. Maar liefst 2,5 miljard mensen zijn afhankelijk van landbouwproductie. Een aanzienlijk deel ervan heeft het moeilijk om de eindjes aan elkaar te knopen. Er is dus dringend nood aan een coherent beleid om miljoenen boerengezinnen een min of meer leefbaar inkomen te verzekeren. Voluit de kaart trekken van duurzame, familiale landbouw lijkt alvast de beste oplossing om die doelstelling te halen.
De keuze voor duurzame, familiale landbouw houdt ook in dat boerenfamilies zelfstandig keuzes kunnen maken. Het begrip ‘familiale landbouw’ heeft namelijk niet noodzakelijk iets te maken met groot- of kleinschaligheid, of met het aantal mensen dat op een boerderij werkt. Duurzaamheid is het tweede belangrijke ordewoord. Niet alle familiale landbouw is duurzaam – zeker niet in het westen.
Wereldwijd zijn er twee (tegenovergestelde) strekkingen over hoe familiale landbouw moet/kan ondersteund worden. Een eerste strekking bepleit een “nieuwe groene revolutie”, met meer technologie, chemische meststoffen, gebruik van genetisch gemanipuleerde gewassen, etcetera. Een tweede school pleit voor een intensief, maar ecologisch systeem.
Zuidpartners aan het woord
Na de situatieschets van Gert Engelen,
reageren de drie partner-vertegen-woordigers uit het zuiden. Het drietal ziet nog heel wat obstakels alvorens een gecoördineerde hervormingspolitiek in de steigers kan gezet worden. “In Gambia is een officieel landbouwbeleid op dit moment onbestaande. Familiale landbouw is er vaak primitief, en quasi-uitsluitend gericht op zelfvoorziening,” aldus Mamsamba Joof van partnerorganisatie ADWAC. “In de Filippijnen moet het probleem van de talrijke landloze boeren en het ongebreidelde grootgrondbezit dringend worden aangepakt, alvorens kan gestart worden met duurzame familiale landbouw,” verklaart Isabel Lanada van PNFSP. In Bolivia kampen boeren met nagenoeg hetzelfde probleem als hun Filippijnse collega’s. “Familiale, traditionele landbouw in Bolivia is vaak duurzaam, maar creëert ook armoede omdat het grondbezit generatie na generatie steeds verder versnipperd raakt,” aldus Soledad Delgadillo van partnerorganisatie INCCA. In elk van de drie regio’s is een oplossing pas mogelijk indien de overheid een actief, ondersteunend beleid gaat voeren wat betreft het herverdelen van grond, krediet en technische kennis. Verder zijn ook de voedselprijzen op de wereldmarkt een ernstige bedreiging voor de ontwikkeling van duurzame en familiale landbouw in het zuiden.
Gert Engelen schetst een mogelijke ‘roadmap’ voor de broodnodige beleidsommekeer:“ Boeren die hun land manueel bewerken, concurreren vandaag tegen productieketens die van a tot z gemechaniseerd zijn. Een oneerlijke strijd. Op die manier raken kleinschalige boeren nooit aan een leefbaar inkomen. Bij ngo’s en boerenorganisaties uit het zuiden bestaat een consensus dat elk land – indien nodig – zijn markten moet kunnen afschermen. Zo kan men zelf een evenwicht zoeken tussen import en ontwikkeling van de eigen landbouwsector. Enkel zo kunnen boeren in het zuiden een leefbare prijs voor hun producten krijgen.”
Mamsamba Joof noemt de aanpak van de internationale beleidsmakers niet realistisch. Telkens weer primeert het recht van de sterkste, en wordt de markt geconfronteerd met nieuwe beperkingen en belemmeringen.
Moeilijk evenwicht
Een toeschouwer houdt een pleidooi om de beste elementen uit zowel het agro-ecologische landbouwmodel als het meer technologische model te verzoenen. Isabel Lanada, van het Filippijnse voedselnetwerk PNFSP, verzet zich luid en duidelijk tegen het gebruik van genetisch gemanipuleerde gewassen. Gert Engelen reageert: “Ik heb op zich geen probleem met technologische oplossingen, maar ze moeten wel gericht zijn op de behoeften van de landbouwsector, en niet op de behoeften van grote bedrijven.”
Hoe breng je het belang van de consument – die in een eerlijker landbouwmodel hogere prijzen zou betalen – in evenwicht met het belang van de boer? Volgens Isabel Lanada is duurzame bio-landbouw haalbaar voor iedereen, indien de overheid de nodige steun zou verlenen. De omschakeling naar duurzame bioproducten zou volgens Engelen een relatief beperkte impact hebben op het voedingsbudget van de doorsnee consument in het westen. Voorwaarde is wel dat de inhoud van het winkelkarretje aagepast wordt, met onder meer het drastisch terugschroeven van onze vleesconsumptie.
Bart Meylemans
(Coördinator Bevrijde Wereld)
|

Fotomateriaal
|
|
1. Viva Bolivia!
De inleefreizigers die afgelopen zomer naar Bolivia reisden, presenteren hun foto’s, impressies, en ervaringen in een felgesmaakte, energieke workshop:
“Superenthousiaste en gevarieerde voorstelling. Een mooie weergave van de groepsdynamiek en de projecten & partners in Bolivia. Soledad Delgadillo, directrice van partnerorganisatie INCCA, vulde perfect aan tijdens de vragenronde. Een ander pluspunt was het prachtige beeldmateriaal en de leuke spullen. Ik waande me bijna in Bolivia!”
|
|
2. 'The Philippines: In Search Of Liberation'
Intal, een Belgische partnerorganisatie van Bevrijde Wereld, maakte een film de inleefreis naar de Filippijnen. De knappe en aangrijpende documentaire vertelt het verhaal van mensen in sloppenwijken, mensenrechtenactivisten en gemeenschappen op het platteland:
“Korte, krachtige en prikkelende documentaire! En achteraf een hoogst interessante uitwisseling met de spreekster. Sterk!”
|
|
4.Over de kinderanimatie...
"Wat een ambiance! Het hele weekend door konden peuters, kleuters, tieners en jongeren zich uitleven onder begeleiding van een stel enthousiaste animatoren. Terwijl de ouders zich in de workshops concentreerden op serieuze zaken, werkten ook de jongste deelnemers van het Wereldweekend rond het voedselthema. De peuters zongen een fruitig liedje, de tieners pleegden een bananendans. Er werd naar hartelust gefilmd, geïnterviewd en geravot in de de speeltuin en het reuze-klimweb... Onvergetelijk!"
|