Achter de schermen van de Gambiaanse exodus>

‘Voedselzekerheid en migratie gaan hand in hand’

 

Wat is er aan de hand in Gambia? Het piepkleine landje scoort opvallend slecht in het nieuwe rapport van de FAO. Honger loert opnieuw om de hoek. Enkel Congo en Liberia, twee door oorlog verscheurde landen, scoren slechter. Het platteland loopt leeg, voedingsmiddelen worden schaarser. De jongeren dromen over Europa, dus ze verkassen massaal naar de blanke toeristenresorts, in de hoop een graantje mee te pikken van de westerse levensstijl. Achter de schermen van het vreedzame toeristenparadijs Gambia voltrekt zich een stille revolutie. De situatie loopt stilaan uit de hand.

In een recent rapport van de Food & Agriculture Organisation (FAO) over voedselzekerheid werd een stand van zaken opgemaakt in verband met de Millenniumdoelstellingen. Dit plan beoogt een halvering van het aantal ondervoede mensen tegen 2015. Het is geen optimistisch rapport: de jongste tien jaar daalde het aantal ondervoede mensen in ontwikkelingslanden met amper drie miljoen, van 823 miljoen naar 820 miljoen. Bovendien is er de jongste tien jaar sprake van een negatieve trend. In Afrika is de situatie dramatisch.  In 14 landen is meer dan 35 procent van de bevolking ondervoed.  Het aantal ondervoede mensen steeg er de jongste tien jaar van 169 miljoen tot 206 miljoen.

Gambia scoort opvallend slecht in het FAO-rapport. Gambia behoort tot één van de landen met de sterkst dalende vooruitgang inzake voedselveiligheid. Zelfs Sudan scoort beter. Het percentage ondervoeden is er ongeveer even hoog als in Gambia, maar Gambia gaat er veel sneller op achteruit. Nochtans wordt het uitgestrekte Sudan al honderden jaren door conflicten beheerst. Dat in tegenstelling tot Gambia, beter bekend als het vreedzame toeristenparadijs aan de Atlantische Oceaan. Eigenlijk bestaat Gambia uit niet veel meer dan de twee oevers van de Gambia-rivier, volledig ingesloten door Senegal. In feite is Gambia dus een klein en beheersbaar landje, gelegen aan één van de rijkste viswateren ter wereld.

Naast de klassieke problemen – zoals droogte, gebrek aan krediet en onaangepaste landbouwmethodes – is de malaise in de Gambiaanse landbouwproductie relatief nieuw. De oorzaak van de huidige voedselproblemen in Gambia is echter klaar en duidelijk: wie wil er nog in prehistorische omstandigheden op het land ploeteren, als het beloofde land binnen handbereik ligt? De productie van rijst en groenten daalt dus jaar na jaar, en de voedselprijzen rijzen de pan uit. Maar het kan nog erger. Een voorbeeld. Een groep jonge gelukszoekers die de overtocht wilde maken, kocht de volledige vissersvloot op van Senegalees vissersdorpje dichtbij Saint-Louis. De jongeren verdronken op zee, en de achterblijvende bevolking verloor met de vloot ook haar permanente inkomstenbron. Bovendien staken de meeste gelukszoekers zich zwaar in de schulden om de oversteek te kunnen betalen…

Wachtzaal voor Europa

Als ngo-coöperant in Gambia valt me steeds meer op dat ik in de dorpen op het platteland steeds meer omringd ben door oudere vrouwen en mannen. Dorpsvergaderingen worden nagenoeg uitsluitend bevolkt door ouderen en mensen van middelbare leeftijd. Ook op de velden is het zoeken naar jonge mannen en vrouwen. Onze partnerorganisatie YAFSSE (Youth Action for Food Self-Sufficiency and Education) had de jongeren als primaire doelgroep. Door de jaren heen kwam de focus echter steeds meer op vrouwengroepen te liggen. De reden achter de verschuiving is simpel: het wordt tegenwoordig steeds moeilijker  jongeren te bereiken én te motiveren om in de landbouwsector aan de slag te gaan.  

Gambiaanse jongeren zijn met hun hoofd in Europa, en niet bij hun ouders op het platteland. Europa is Babylon. Verhuizen naar Europa is zowat de ultieme droom. De rijke toeristen staan symbool voor de Europese droom. En dus trekt de jeugd en masse naar de kombo’s, de toeristische kuststrook in Gambia. Het toerisme houdt Gambiaanse jongeren een spiegel van rijkdom en welvaart voor. De kustlijn is bijvoorbeeld bezaaid met villa’s van Gambianen die fortuin maakten in Europa. Jonge kerels van pakweg achttien jaar lopen op het strand hand in hand met Europese dames van middelbare leeftijd of ouder. Europese mannen delen cadeautjes uit aan jonge meisjes, in ruil voor seks. Of ze beloven hen mee te nemen naar Europa. Ook een snelgroeiende groep pedofielen voelt zich thuis in Gambia. De seksindustrie is dus booming business in het land. Het kustgebied wordt sinds kort ook overspoeld door prostituees uit omringende landen als Liberia of Sierra Leone. Op zaterdagavond staan ze langs de kustweg, hopend op een lift naar Europa. Ook criminele praktijken zoals drugshandel oefenen een aantrekkingskracht uit op jongeren. Op de luchthaven hoorde ik onlangs toevallig een gesprek tussen twee jongeren. Eén van de twee kwam net terug uit Europa, oftewel Babylon: “Twenty euro’s? In Babylon that is nothing, I eat that in a day.  There, for six gram you get 200 euro, you have to do nothing, and what is six gram….”

De kombo’s beginnen steeds meer op een gigantische wachtzaal voor Europa te lijken. De jongeren nemen maar wat graag een voorbeeld aan landgenoten die een rijke Europeaan aan de haak sloegen. Verhalen over jongens die de oversteek maakten, worden met veel animo uitgewisseld. En nagevolgd, jammer genoeg. Vorig jaar kwamen in enkele maanden tijd meer dan 1500 Senegalese en Gambiaanse jongeren om het leven toen ze in wankele vissersbootjes de overtocht naar de Canarische Eilanden maakten. De media berichten uitvoerig over onfortuinlijke drenkelingen, maar dat lijkt de jongeren amper af te schrikken. De oversteek is een nieuwe ‘rite de passage’ geworden.

De situatie begint echt uit de hand te lopen. Spanje zit met de handen in het haar. De vloed asielzoekers die via de Canarische Eilanden naar Spanje wil, is nauwelijks te stoppen. De Spaanse regering stuurde onlangs een delegatie naar Gambia om een oplossing te zoeken. Dit beleid komt eigenlijk neer op de repatriëring van ‘ontsnapte’ Gambianen uit Spanje. Op 30 oktober 2006 werden er bijvoorbeeld 144 illegale Gambianen teruggestuurd. De repatriëring verliep allesbehalve vlekkeloos, zo rapporteerde The Daily Observer: ”The deportees first refused to disembark from the DC9 and F29 aircraft (...) Some disgruntled Gambia deportees were spotted vandalising the glasses at the airport, smashing chairs, destroying air conditioners, and the windscreens of vehicles parked at the old airport terminal building.  Some were seen violently knocking their heads against the walls, as if they wanted to commit suicide”. Dit soort situaties illustreren de wanhoop onder de Gambiaanse jongeren. De kans is klein dat deze gerepatrieerde jongeren na hun traumatiserende ervaring nog een constructieve bijdrage zullen leveren aan de ontwikkeling van het land. Deze groep vormt de kern van een collectief geheugen waarvan het effect pas over tien jaar duidelijk wordt.  

Open the door?

De rigoureuze afscherming van de Europese welvaart moet ooit als een boemerang terugkeren. De meeste studies zijn het er bovendien over eens dat migratie positieve effecten heeft voor beide partijen. Misschien moeten we eens het lef hebben om de sluizen volledig open te zetten en de communicerende vaten hun werk laten doen? Het ligt voor de hand dat een dergelijke radicale visie tegenwoordig niet erg populair is. Een vorm van gecontroleerde migratie zou wel mogelijk moeten zijn. Geef Afrikaanse jongeren bijvoorbeeld de kans om gedurende enkele jaren kapitaal te vergaren in Europa, door middel van een beurtrolsysteem in welomlijnde sectoren. Belangrijk is wel dat het verzamelde kapitaal dan geïnvesteerd wordt in de productieve sector, en niet in vastgoed of auto’s zoals nu nog teveel het geval is. Ngo’s en de Gambiaanse overheid kunnen in deze optiek een belangrijke rol spelen en een gunstig klimaat scheppen. Immigratie is een erg complexe materie, pasklare oplossing liggen dus niet meteen in het verschiet. Het is evenwel duidelijk dat een zuiver repressief beleid geen structurele oplossing biedt. Een dergelijk beleid voert de druk op de ketel op en resulteert uiteindelijk in een explosieve situatie waar zowel het Zuiden als het Noorden onder lijden.   

Bart Casier
foto-IMG_4963-web.jpg