
Mali situeert zich in het hart van West-Afrika, en wordt onder meer begrensd door Senegal en Burkina Faso. Het land telt iets meer dan twaalf miljoen inwoners. Gezien de afmetingen van het land, is dat heel weinig - gemiddeld nog geen tien inwoners per vierkante kilometer. Ongeveer 10% van de bevolking woont in en rond de hoofdstad Bamako. Net als in de meeste andere West-Afrikaanse landen is het overgrote deel van de bevolking moslim. In Mali vind je een smeltkroes van etnische groepen, met als belangrijkste de Bambara (32%) en de Peul (14%). Frans is de officiële taal, maar ook de talen van de bevolkingsgroepen worden erkend. In het noorden leven ook nomadenstammen, zoals de befaamde Touaregs.
Het leven in Mali is geen lachertje. Het land bestaat voor 70% uit woestijn of semi-woestijn. Vooral het noordelijke gedeelte (de Sahara-woestijn) is droog en heet, en is dus heel dun bevolkt. De Malinese Sahara behoort tot de heetste gebieden ter wereld, met temperaturen die oplopen tot boven vijftig graden. In het zuiden, waar de meeste economische activiteiten plaatsvinden, heerst een iets gematigder klimaat. Hier is dus wel landbouw mogelijk. De Senegal-rivier en de Niger-rivier zijn belangrijke levensaders voor de agrarische sector in het zuiden.
Mali is één van de allerarmste landen ter wereld, met een uitzonderlijk hoge kindersterfte (meer dan 100 overlijdens per 1000 geboortes). Maar liefst 90% van de Malinezen moet het zien te rooien met minder dan twee dollar per dag. 72% beschikt niet eens over één dollar per dag. Tachtig procent van de Malinese bevolking is actief in de landbouw en visserij. Lange periodes van droogte hypothekeren een duurzame toekomst voor de landbouwsector. Bovendien wordt amper twee procent van het grondgebied aangewend voor het verbouwen van gewassen. Ongeveer 25% van het landoppervlak wordt gebruikt voor de veeteelt. De oprukkende woestijn in het Sahel-gebied (overgangszone tussen woestijn en savanne) en de Sahara in het noorden overheersen de rest van het land.
De teelt van gierst, rijst en sorghum is bestemd voor binnenlandse consumptie. Grondnoten en suikerriet zijn vooral bestemd voor de export, net als de goud- en zoutwinning. Net als in Burkina Faso is katoen echter exportproduct en cash-crop nummer één, en ook in Mali nam de katoenproductie de afgelopen jaren exponentieel toe. Maar liefst zeventig procent van de exportinkomsten worden ingenomen door katoen. Eén vierde van de Malinese bevolking is nu volledig afhankelijk van de inkomsten uit de katoenteelt. Het overaanbod op de wereldmarkt en de exportsubsidies van de EU en de VS deden de wereldmarktprijzen de jongste vijf jaar in elkaar storten. De impact op de Malinese economie en voedselzekerheidssituatie is enorm.